Home/Blog/Financieel plan opstellen voor je BV: wa…
    Financieel plan opstellen voor je BV: wat moet erin, uitgewerkt voorbeeld en wat het kost

    Financieel plan opstellen voor je BV: wat moet erin, uitgewerkt voorbeeld en wat het kost

    De 7 verplichte onderdelen volgens het WVV, waar de meeste plannen tekortschieten, hoeveel aanvangsvermogen je inbrengt en een volledig uitgewerkt voorbeeld met cashflow.

    Wie in België een BV opricht, moet vooraf een financieel plan afgeven aan de notaris. De meeste starters laten een boekhouder een standaardsjabloon invullen: dat kost al snel 1.000 euro en levert een document op dat de notaris aanvaardt, maar niets zegt over hoe de zaak echt zal draaien. Geen vaste kosten, geen belastingen, geen maandelijkse cashflow. Wil je een financieel plan opstellen dat ook jou beschermt, dan moet het meer kunnen dan de wet vraagt. Wat er wettelijk in moet, waar plannen tekortschieten, hoeveel je inbrengt en hoe een volledig plan eruitziet, met uitgewerkt voorbeeld.

    Wat de notaris met je financieel plan doet

    De notaris leest het plan niet als een beoordelaar van je businessidee. Hij controleert of het document bestaat, of het de wettelijk verplichte onderdelen bevat en bewaart het daarna in zijn dossier. Dat is meteen de reden waarom een oppervlakkig plan bij de oprichting geen probleem lijkt: de akte wordt gewoon verleden.

    Het plan wordt pas belangrijk als het misgaat. Gaat je vennootschap failliet binnen drie jaar na de oprichting, dan kan de rechtbank de oprichters hoofdelijk aansprakelijk stellen voor de schulden als het aanvangsvermogen bij de oprichting kennelijk ontoereikend was voor de normale uitoefening van de voorgenomen activiteit over minstens twee jaar (artikel 5:16 WVV). De rechter gebruikt daarbij je financieel plan als leidraad. Een plan dat elke vaste kost en elke belasting negeert, is dan geen bescherming maar een bewijsstuk tegen jezelf.

    Sinds het Wetboek van vennootschappen en verenigingen (2019) bestaat er voor de BV geen minimumkapitaal meer. In de plaats kwam de verplichting om een toereikend aanvangsvermogen te voorzien, en het financieel plan is het document waarmee je aantoont dat je daarover hebt nagedacht. Het is dus de eerste keer dat je als ondernemer wettelijk wordt verplicht om je zaak volledig door te rekenen. Wie dat serieus doet, haalt er meer uit dan een handtekening bij de notaris.

    De 7 verplichte onderdelen van een financieel plan

    Artikel 5:4, paragraaf 2 van het WVV legt de minimuminhoud vast. Online lees je vaak dat een financieel plan uit vier onderdelen bestaat; de wet noemt er zeven.

    Onderdeel Wat de wet vraagt Waar het in de praktijk misloopt
    1. Beschrijving van de voorgenomen bedrijvigheid Een nauwkeurige omschrijving van wat de vennootschap gaat doen Te eng omschreven, zodat latere activiteiten buiten het voorwerp vallen
    2. Financieringsbronnen bij oprichting Alle bronnen, met de zekerheden die je daarvoor geeft Rekening-courant en bankkrediet vergeten te vermelden
    3. Openingsbalans en geprojecteerde balansen Openingsbalans plus balansen na 12 en 24 maanden, volgens het microschema Alleen een openingsbalans, geen projectie
    4. Geprojecteerde resultatenrekening Na 12 en 24 maanden, volgens het microschema Geen bedrijfsleidersloon, geen belastingen
    5. Begroting van inkomsten en uitgaven Minstens twee jaar na de oprichting Jaartotalen zonder maandelijkse of kwartaalcashflow
    6. Gehanteerde hypotheses Hoe je omzet en rentabiliteit hebt geschat "Marktconform tarief" zonder onderbouwing
    7. Externe deskundige Naam van wie heeft geholpen, als dat het geval is Wordt correct ingevuld, maar de deskundige heeft de cijfers niet uitgedaagd

    De beschrijving van de activiteit verdient een aparte opmerking. Ze bepaalt mee het voorwerp van de vennootschap in de statuten, en dat voorwerp moet ruim genoeg zijn voor alles wat je de komende jaren wil doen. Een IT-consultant die ook software wil verkopen, opleidingen wil geven of vastgoed wil aanhouden via de vennootschap, en dat niet opneemt, moet later de statuten laten wijzigen via de notaris. Dat kost opnieuw enkele honderden tot meer dan duizend euro. Neem elke activiteit op die redelijkerwijs aan bod kan komen.

    Waar de meeste financiële plannen tekortschieten

    Een plan dat voldoet aan de zeven onderdelen kan nog altijd waardeloos zijn als stuurinstrument. In de praktijk zien we dezelfde tekorten terugkeren.

    Vaste kosten ontbreken of zijn te laag geraamd. Boekhouder, verzekeringen, software, telefonie, bankkosten, de jaarlijkse vennootschapsbijdrage en vooral de auto: samen lopen die voor een dienstverlener al snel op tot 20.000 à 25.000 euro per jaar. De wagen is daarbij de post die het vaakst wordt onderschat. Een leasing van 800 euro per maand is voor een bedrijfsleider geen uitzondering, en daar komen laadkosten of brandstof, verzekering, onderhoud en banden bovenop. Raam de concrete kost van het model dat je effectief wil rijden, niet een gemiddelde uit een sjabloon.

    Belastingen en sociale bijdragen zitten er niet in. Een plan dat winst toont voor belasting, toont geen winst. Op het bedrijfsleidersloon betaal je sociale bijdragen van 20,5 procent van het netto belastbaar inkomen (2026), met een minimum van 890,42 euro per kwartaal exclusief beheerskosten, en daarbovenop personenbelasting. Op de winst die in de vennootschap blijft, betaal je vennootschapsbelasting: 20 procent op de eerste schijf van 100.000 euro voor kleine vennootschappen, anders 25 procent (2026).

    Er is geen cashflowplanning. Omzet is niet hetzelfde als geld op de rekening. Klanten betalen 30 tot 60 dagen na factuur, terwijl loon, sociale bijdragen en vaste kosten van dag één lopen. Een jaartotaal verbergt het dieptepunt in maand drie of vier, en dat is precies het moment waarop starters in de problemen komen. Het voorbeeld verderop toont dat concreet.

    Loon en bescherming zijn niet doordacht. Het plan neemt een loon op omdat het moet, niet omdat iemand heeft nagedacht over de verhouding tussen loon, kostenvergoedingen en pensioenopbouw via een individuele pensioentoezegging. En de bescherming van de bedrijfsleider ontbreekt volledig, terwijl een gewaarborgd inkomen en een hospitalisatieverzekering via de vennootschap net in een plan thuishoren, omdat ze vanaf de start kosten.

    Hoeveel aanvangsvermogen breng je in?

    Omdat er geen minimumkapitaal meer is, kiezen de oprichters zelf het bedrag. De wet vraagt enkel dat het toereikend is voor de activiteit over minstens twee jaar, en het financieel plan moet dat aantonen. Wie 1 euro inbrengt en een auto, laptop en drie maanden loon nodig heeft voor de eerste factuur betaald is, heeft een probleem dat elke rechter meteen ziet.

    Voor een dienstverlener zonder voorraad of investeringen werkt in de praktijk een inbreng van ongeveer 1.500 euro. Dat bedrag is bedoeld om de notariskosten te dekken: de akte, de publicatie in het Belgisch Staatsblad en de inschrijving in de KBO kosten samen 1.300 tot 1.500 euro in 2026. De volledige opstartfactuur ligt wel hoger. Laat je het financieel plan opmaken door een boekhouder en reken je de eerste boekhoudkundige begeleiding mee, dan loopt het totaal snel op tot 4.000 euro (het volledige overzicht staat in wat een BV oprichten kost in 2026).

    Dat verschil tussen inbreng en werkelijke opstartfactuur is precies waarom je de rest via een rekening-courant inbrengt: je leent het bedrag aan je vennootschap en kan het later zonder formaliteiten terug opnemen. Dat geld zit dus niet vast, in tegenstelling tot de inbreng zelf. Reken daarbij niet alleen de opstartfactuur, maar ook de werkingsmiddelen voor de eerste maanden.

    Die combinatie is verdedigbaar zolang het plan toont dat de rekening-courant het cashflowdieptepunt dekt. Ze werkt niet voor iedereen. Wie voorraad aankoopt, machines of een inrichting nodig heeft, personeel aanwerft of een bankkrediet vraagt, heeft een groter en vaster aanvangsvermogen nodig, en de bank zal dat ook eisen. Ook wie in bijberoep start met een kleine omzet, moet zich afvragen of een BV überhaupt de juiste structuur is; de afweging staat in vennootschap of eenmanszaak: wanneer loont het.

    Uitgewerkt voorbeeld: IT-consultant richt een BV op

    Sofie start als freelance IT-consultant met een dagtarief van 600 euro. Ze richt een BV op met een inbreng van 1.500 euro en zet 10.000 euro op de rekening-courant. Haar klanten betalen 60 dagen na factuurdatum. Ze wil vanaf maand één een brutoloon van 3.000 euro per maand, en ze wil rijden met een leasingwagen van 800 euro per maand. Alle bedragen zijn exclusief btw en afgerond.

    Jaar 1 Jaar 2
    Factureerbare dagen 141 169
    Omzet 84.600 101.400
    Vaste kosten 23.570 23.570
    Bedrijfsleidersloon (bruto) 36.000 42.000
    Sociale bijdragen (20,5 procent, betaald door de vennootschap) 7.380 8.610
    Oprichtingskosten (notaris, publicatie, KBO, financieel plan via boekhouder) 4.000 0
    Winst voor belasting 13.650 27.220
    Vennootschapsbelasting (20 procent) 2.730 5.444
    Winst na belasting 10.920 21.776

    De vaste kosten zijn opgebouwd uit boekhouder (3.600), vennootschapsbijdrage (410), BA en rechtsbijstand (1.200), hospitalisatieverzekering via de vennootschap (960), gewaarborgd inkomen (1.800), leasing (9.600), laden, verzekering en onderhoud van de wagen (3.000), software, telefoon en internet (1.800) en bank en diversen (1.200). De omzet in jaar één vertrekt van 6 factureerbare dagen in maand één en groeit naar 14 dagen per maand vanaf maand zes, met een lichtere zomer en decembermaand. De vrijstelling van de minimumbezoldiging van 50.000 euro geldt de eerste vier boekjaren, waardoor het verlaagd tarief van 20 procent van toepassing blijft ondanks het lagere loon.

    Op jaarbasis blijft dit werkbaar: bijna 11.000 euro winst na belasting in jaar één en ruim 21.000 euro in jaar twee, bovenop het loon dat Sofie al heeft opgenomen. De cashflow per kwartaal vertelt een ander verhaal.

    Jaar 1 Ontvangsten Uitgaven Saldo op de rekening
    Start 11.500
    Kwartaal 1 3.600 20.738 -5.638
    Kwartaal 2 18.000 16.738 -4.375
    Kwartaal 3 24.600 16.738 3.488
    Kwartaal 4 22.800 16.738 9.550

    Door de betalingstermijn van 60 dagen komt de omzet van maand één pas binnen in maand drie, terwijl loon, sociale bijdragen, leasing en de volledige opstartfactuur meteen lopen. Het dieptepunt ligt in maand vier op ongeveer 6.400 euro onder nul. Met 11.500 euro startliquiditeit komt Sofie dus ruim 6.000 euro tekort, ondanks een winstgevend jaar. Twee correcties lossen dat op: de rekening-courant verhogen van 10.000 naar circa 17.000 euro, of het loon in de eerste drie maanden beperken tot 1.500 euro per maand en daarna inhalen. Precies dat soort beslissingen neem je beter voor de oprichting dan in maand vier, en het is de reden waarom een plan zonder maandelijkse cashflow niets waard is.

    Financieel plan opstellen: zelf doen of laten opmaken?

    Zelf opstellen mag. De wet verplicht geen externe deskundige, en voor een eenvoudige dienstverlenende activiteit is de logica overzichtelijk. Het struikelblok is de vorm: de openingsbalans en de geprojecteerde resultatenrekening moeten het microschema van de jaarrekening volgen, en dat vraagt boekhoudkundige kennis. Wie het zelf doet, moet bovendien de discipline hebben om alle kosten en belastingen mee te nemen, want er kijkt niemand mee.

    Laten opmaken door een boekhouder kost volgens publieke tarieven in Vlaanderen doorgaans 800 tot 1.500 euro, met een gemiddelde rond 1.000 euro; sommige kantoren doen het gratis als je klant wordt. Wat je daarvoor krijgt, verschilt sterk. Vaak is het een ingevuld sjabloon op basis van de cijfers die je zelf hebt aangeleverd, zonder dat iemand je omzethypothese in vraag stelt, je autokeuze doorrekent of je vraagt of het voorwerp van de vennootschap wel alles dekt.

    Een derde weg is een begeleiding waarbij het plan het resultaat is van een gesprek over de volledige activiteit: welke diensten, welke prijzen, welke klanten, welke wagen, welk loon, welke bescherming. Zo werken wij: we bespreken de activiteit volledig, zetten de prijzen op basis van ervaring, ramen de autokost op basis van het gewenste model en nemen elke vaste kost en belasting mee. Het plan is op enkele dagen klaar, we toetsen het samen en dan kan het naar de notaris. In onze startersbegeleiding voor de oprichting van je vennootschap is het financieel plan inbegrepen in de vaste prijs van 500 euro excl. btw, samen met de structuurkeuze, de afspraak bij de notaris, de KBO-inschrijving en het verzekeringsadvies.

    Checklist voor je naar de notaris gaat

    Loop deze punten na voor je het plan afgeeft. Elk van deze punten hebben we in plannen van starters zien ontbreken.

    • Beschrijving van de activiteit ruim genoeg voor alles wat je de komende jaren wil doen
    • Alle financieringsbronnen vermeld, ook rekening-courant en eventueel bankkrediet
    • Openingsbalans plus geprojecteerde balans en resultatenrekening na 12 en 24 maanden
    • Begroting per maand of per kwartaal over minstens twee jaar, met betalingstermijnen van klanten
    • Alle vaste kosten concreet geraamd, inclusief leasing, laadkosten of brandstof, verzekering en onderhoud van de wagen die je effectief wil rijden
    • Bedrijfsleidersloon, sociale bijdragen en vennootschapsbelasting opgenomen
    • Verzekeringen van de bedrijfsleider begroot vanaf de start
    • Hypotheses voor omzet en tarief onderbouwd, niet "marktconform"
    • Het cashflowdieptepunt bekend en gedekt door inbreng of rekening-courant

    Een financieel plan dat deze punten dekt, voldoet aan de wet, houdt stand bij een rechter en, belangrijker, toont je voor de oprichting waar je zaak kwetsbaar is. Wil je weten hoe dit voor jouw activiteit uitpakt, met jouw tarief, jouw wagen en jouw loonwens? Dan rekenen we het samen door en maken we het plan klaar voor de notaris. Neem contact op voor een vrijblijvend gesprek.

    Veelgestelde vragen

    Wil je jouw situatie bespreken?

    Een verkennend gesprek is altijd vrijblijvend en vertrekt vanuit jouw cijfers, niet vanuit een product.

    Plan een gratis gesprek